Milieubescherming
Net zoals mensen en dieren moeten eten en drinken, hebben ook aardbeienplanten water en voedsel nodig. Bovendien kunnen planten ook ziek worden waardoor er net als bij mensen een bezoek aan de apotheek moet worden gebracht. Als het om mensen gaat spreken we dan eufemistisch over medicijnen, bij planten is de term bestrijdingsmiddelen of gewasbeschermingsmiddelen gebruikelijk.

Wij streven er natuurlijk naar om zo weinig mogelijk chemische middelen te hoeven gebruiken. En als ze als, alternatieve maatregelen niet geholpen hebben, toch gebruikt moeten worden om het biologisch evenwicht weer te corrigeren, worden alleen de minst milieubelastende middelen toegepast.

Voorkomen beter dan genezen Zuinig met mest
Natuurlijke hulpkrachten Hergebruik van materialen
Emissiebeperking Tensiometers
Vlinderbloemigen Verpakking

Voorkomen is beter dan genezen
Ervaren telers weten door hun vakkennis dat in veel gevallen een chemische ziektebestrijding niet nodig is en doen er dan ook alles aan om een ziekte te voorkomen of op een natuurlijke manier in de hand te houden. Soms dreigt het echter uit de hand te lopen en dan zal er toch, om de oogst te redden ingegrepen moeten worden. Toch ligt de nadruk op preventie, want ook in een milieubewuste aardbeienteelt geldt: voorkomen is beter dan genezen.

Om problemen met ziekten en plagen te voorkomen worden onder andere groenbemesters, zoals Afrikaantjes gezaaid, maar worden ook natuurlijke vijanden aangetrokken door het bedrijf hiervoor aantrekkelijk te maken.

Natuurlijke hulpkrachten
Als toch een plaag of ziekte de kop op steekt, wil dat niet zeggen dat meteen naar chemische middelen wordt gegrepen. Voor veel plagen zijn zogenaamde schadedrempels te hanteren. Afhankelijk van de soort plaag kunnen enkele parasieten gedoogd worden. Bij overschrijding van die drempel zal eerst geprobeerd worden om met behulp van ingezette natuurlijke vijanden de plaag onder de knie te krijgen. Voor steeds meer plagen zijn die natuurlijke vijanden gewoon te koop.

Schimmelziekten zijn wat lastiger te bestrijden, omdat wanneer de schimmel geconstateerd wordt en dus in het gewas aanwezig is, de bestrijding al gebeurd had moeten zijn. Hiervoor zijn nu wel waarschuwingssystemen in ontwikkeling, zodat de teler in de toekomst alleen nog als het echt nodig is een bestrijding uit hoeft te voeren.

Emissiebeperking
Bij het onverhoopt toch uit moeten voeren van een chemische bestrijding, houdt de moderne teler er rekening mee dat zo weinig mogelijk middel door verwaaiing in de sloot, in de lucht of op naburige percelen terecht komt, met een duur woord emissie genoemd.

Er zijn verschillende mogelijkheden om deze emissie te kunnen beperken. Langs slootkanten wordt een zogenaamd vanggewas gezaaid, wat eventueel wegwaaiend middel op kan vangen, zodat het niet in de sloot terecht komt. Een teelt- en spuitvrije zone langs de sloot kan ook emissie voorkomen, zodat het waterleven, zoals kikkers, padden en watervlooien geen gevaar loopt.

Zuinig met mest
Wij gebruiken voor onze teelten niet meer mest dan hard nodig is om de planten goed te laten groeien. Teveel bemesten kost niet alleen onnodig geld, maar het teveel aan mineralen zal voor een groot deel uitspoelen en in het grondwater terecht komen.

Om precies te weten wat er dan wel bemest moet worden en hoeveel van elk mineraal, worden regelmatig grondmonsters genomen. De teler krijgt dan enkele dagen later een advies hoeveel bemest moet worden.

Vlinderbloemigen
Met groenbemesters kunnen we de overgebleven mineralen voor uitspoeling behoeden en omdat die bij de volgende aardbeienteelt weer vrij komen beperken we hiermee de behoefte aan nieuwe mest. Zogenaamde vlinderbloemige groenbemesters hebben zelfs de eigenschap om stikstof uit de lucht aan zich te binden. Hiermee kunnen we de meststoffengift nog verder terugdringen.

Wij geven bij een eventuele bemesting de voorkeur aan organische meststoffen omdat die toch in ruime mate aanwezig zijn en kunstmest moet in de fabriek worden gemaakt, waar weer grondstoffen voor nodig zijn.

Hergebruik van materialen
Het zuinig omgaan met grondstoffen en het verantwoord afvoeren van restmateriaal is voor ons belangrijk. Naast het gebruik van milieuvriendelijke "groene stroom" en het zuinig omgaan met meststoffen worden zoveel mogelijk materialen hergebruikt. Bijvoorbeeld de plastic folie om planten te beschermen tegen strenge wintervorst wordt zeker drie keer gebruikt en daarna als hij niet goed meer is gescheiden afgevoerd.

Tensiometers
Met water wordt ook zo zuinig mogelijk omgegaan. Zogenaamde tensiometers tussen de planten geven aan of er water gegeven moet worden en voor de nachtvorstberegening wordt cyclisch beregend.

Cyclisch beregenen houdt in dat bijvoorbeeld twee minuten wordt beregend en daarna vier minuten niet. Hierna weer twee minuten wel en zo gaat dat dan de hele nacht door. Op deze manier kunnen we met eenderde van de normale hoeveelheid water nachtvorstschade voorkomen.

Verpakking
Onze verpakking is van recyclebaar materiaal gemaakt. De aardbeien van Jan Robben zijn bovendien duidelijk herkenbaar aan de designverpakking.


  Copyright Jan Robben Aardbeien 2010
Ontwikkeling website door
Netvlies